Holes in time
De wind kust ons nat zwiepend de trap op. Zompige gure groene glooiingen neveldansen in de dalen. Daar ligt ook een poort. Miniscule stippen staren naar de imposante opening. Gapende muil naar een andere wereld? Als er zich dan toch geen onaardse brullende drakenkop door de opening wringt, stappen de stippen naar voren. Alsnog slokt het duister hen op.
Steeds hoger en het gegrom over de heuvel wordt steeds duidelijker. Nog niets te zien. Nog niet, maar flitsende gele glimpen in de verte voeden honger naar meer. Uiteindelijk toont zich het gapende grondgat: veellagige, geelbezande uitgestrekte aardkier. Porrende stalen spinnenpoten haken in haar afgekloofde flanken.
Centraal staat een industriëel monster, dat zich al eeuwenlang dag en nacht grommend voedt. Medogenloos zand schrokkend, graaft het zichzelf een open graf.
Maar ooit. Dan is deze wonde helemaal uitgevreten en zullen de machines zwijgen. Dan zal deze valse vallei zichzelf opnieuw begroenen. Levende wondkorst tegen de menselijke infectie. Alles begint opnieuw. Een mini-Eden in Kanne. Hyperlokaal micro-paradijs. Wachten loont.
Wij dalen, maar de weiden zijn verassend leeg. Koe-loze zondag? Nog even en daar doemt de reuzepoort ook voor ons op. Achter de opening liggen nek-strekkend hoge gangen met grot-allures. Steeds dieper, volgen we in de wand geplaatst vuurtjes, en dringen door tot aan haar doodlopende eindpunten. Ook dit is mensenwerk, werk van jaren, graven zonder vrees. De Plafonds in de uithoeken zijn zwart van de rook. Komen hier ’s nachts de lokale Neanderthalers hun bloederige buit verorberen? Smakkend, snuivend rond het flakkerende kampvuur? Het geluid van spetterend vet vermengt zich met de uiteenspattende vuurwerkpijlen boven de Sint-pietersberg. Grommend kruipen zij dan dicht bij elkaar. En sluiten hun niet begrijpende moëe ogen.
BE
Kanneueh?
Ja! Landschappen strelen de autoramen. Geen voorbij zoevende mede-auto’s, enkel de stille ritselende, alles omvattende aanwezigheid van een omgeving. Een weeskind van de beschaving. Beschaving is er wel, alleen een beetje vervaagd door de vele jaren van afzondering.
Komkommerwegen van precies anderhalve meter doorklieven een landschap van weides en velden. In Limburg een dérivée houden is bijna met zekerheid een natuurlijke reis doorheen de tijd. Uit de auto klimmen en weer tot de conclusie komen dat we ons in één van de 15 mooiste dorpen van Vlaanderen bevinden. Hoewel deze titel blijkbaar overal prijkt., zoek je toch altijd naar de reden van bekroning.
De wind neemt ons bij de benen en duwt ons zachtjes hoger en hoger in de richting van de grote mergelgroeven… Even verzinken we in een ‘starwarslandschap’ van grijpmachines en de woestijnaandoende rotsblokken. Een heftig contrast met de groene beboste heuvels er rond. Alsof de mens in deze natuur toch haar eigen industriële stempel heeft willen drukken. Alles. Van ons. Vrij. Maar wel ontginbaar op elk gewenst moment.
Eens het hoogste punt bereikt is dalen de enige optie. Dalen is teruggaan. Een beetje zoals tijdreizen. Van toekomst naar verleden. Groot is dan ook niet onze verbazing wanneer tussen de groene weides helemaal op de top van de berg een mergelmastondont opduikt. De verlaten mergelgroeve heeft alles van een prehistorische grot en heel even voelen we ons twee ontdekkingsreizigers die een unieke vondst doen. Alsof dit landschap al tientallen jaren in verwachting is van … ons. Overvallen door een twijfelende vastberadenheid treden we binnen. Heilige grond. Zo voelt het toch. De mergelgewelven omarmen ons in één beschermende knuffel terwijl de flakkerende duisternis ons meesleurt naar de donkerste hoekjes van de groeve. We schuifelen vooruit. Een uitnodiging van dit kaliber mag je niet afslaan. Wanneer de flakkeringen ophouden te bestaan rest enkel nog een ommuurde duisternis.
Plots lijkt het verleden weggezogen. Onze ogen vallen op de door mensenhanden aangestoken theelichtjes, de rondslingerende bierflesjes en getatoeëerde wanden door de één of andere respectloze graffittiknutselaar. De eerste zijn we dus duidelijk niet geweest en de laatste zijn we 20 seconden later ook niet meer. Achter ons plots een stem: Ewout, niet te ver gaan hé! Tja, geen plek in de wereld zonder bereisde Nederlanders… Zuchtend keren we terug naar 2007. Kanneuh Kanne verkennen? Ja! MYKKI
Post een commentaar