11-06-07
Vliermaalroot
Feed the trees
Hels staart het land. Maar: onversaagd gaat het, richting zwartkartelende bosrand en langs de als duivenkast vermomde offermachine. Daaronder getuigt een inderhaast dichtgeslagen gestaald luik van wat zich hiervoren ongetwijfeld taloze keren afspeelde. Het druipende vocht lekt nog steeds met willekeurige regelmaat richting gretige grasgrond. Twee vereenzaamde bomen loeren -tot in der eeuwen geschokt- in onze richting. Zij zijn de ware getuigen van de godslasterlijke gruwelen die zich in hun blikveld moeten hebben afgespeeld. Grauwig-grijze, zichtbare rouwranden tekenen zich af in de schaduw van hun stilaan onttakelend omspansel.
Het bos is scherp en begrensd door uiteenrijtend prikkeldraad. Het bos heeft zelfs een naam. Hoe dikwijls hebben zich hier in dit 'jongensbos' waanzinnige doodskreten doorheen de klauwende takken gescheurd? Hun plots afgesneden levensdraden lijken zich te hebben verzameld in de uiteinden van de vele takkenvingers: wit wrinkelend zijn ze, en gematerialiseerd in een wollig webachtig waas van een ongenadige dradende weefsel-substantie. Of groeien hier konijnen in de bomen? Ontspringen zij plots aan de rijpe knoppen van dit duister toverbos? Wippen zij van tak tot tak waarbij zij van tijd tot tijd verstrikt raken in de grijpgrage wortelvingers van deze konijnenvretende spookbomen ?
Pal in het midden van dit zwijgende woud doemt een havenloos herenhuis op. Het is oud, nog steeds bewoond, klassiek verzuild en lijkt gedoemd om voor altijd te blijven bestaan. Is dit de woning van de plaatselijke graaf Vlad die zijn jonge slachtoffers met de nekken spietste op de scherpe verroeste weerhaken van de boven ons uit torenende stalen schommel ? De verre witte vogels op de glad-glimmende waterspiegel voor het huis gebaren nogthans van krommenaas, vredig verder glijdend op hun schijnbaar rimpelloze vloeivlak. We ontsnappen dwars doorheen de argwanend zwart-begroende stammenzee, als plots een boven het gebladerte uitspiralende kreet al onze jagende botten verkilt. De vreeswekkende dreigende dood, waart minstens vier maal daags, ook in Vliermaalroot.
BE
What's in a name?
De Helstraat tart elke verbeelding, net doordat elke verbeelding ontbreekt. Dit is een dorp waarin de landschappelijke schizofrenie hoogtij viert. Een holle bolle weg verdeelt het dorp in weides en bossen enerzijds en huizen van het banale ras anderzijds. Ze lijken te weten dat ze slechts in de ogen van hun bewoners verheven zijn tot bewoonde kunstobjecten. Nabootsingen. Echo’s van identieke broeders en zusters opgetrokken uit baksteen en mortel.
Opgelucht slaan we het landweggetje in, richting kasteel Jongenbos. Rechts van ons doet het getimmer van de duivenmelker in zijn gigantische duiventil ons even halt houden. Gedachten verspringen naar malafide kindermelkers… U snapt niet de link tussen dit idyllische tafereeltje van de oervlaamse duivenmelker en de kinderverkrachter in zijn houten zwemparadijs? Sommige mensenbreinen denken nu eenmaal anders.
We slenteren verder, genieten van de zon die knipoogt doorheen de bomen, de bladeren die ruiselend, bruiselend, kruiselend flirten met de wind. We kussen de romantiek dieper het bos in. Ontwakend uit de roes van verliefde likjes en lachjes en kusjes beseffen we plots de bizarheid van de omgeving...Vanuit het struikgewas beloert de houten robot (of het bijenhoofdkwartier in uw ogen) ons met vierkante argusogen. We stappen goed door voorbij minaretten in miniatuur op houten palen. Vliermaal Rood, als multicultureel trefpunt…
Het kasteel Jongenbos nadert. We voelen de nabijheid van lang vervlogen tijden. Van lachende kinderen tot gillende jongetjes. De lege schommel staart ons eenzaam aan terwijl de overgebleven vleeshaken onze fantasie op hol brengen. Welke lichamen schommelden hier lang geleden in de wind? De plek heeft iets duister. Alsof de gebeurtenissen van lang geleden schreeuwen om aandacht terwijl de geraniums heen en weer wiegen op het ritme van een macabere dodendans. De enige getuigen kwaken de gruwel de hemel in. Witte veren schrijven geschiedenis simpelweg door er te zijn.
Het kasteel lijkt nu wel bewoond te zijn en toch schreeuwen gesloten keldergaten en lege schommels om een lugubere aandacht. Elk ogenblik lijkt het alsof op het wateroppervlak elk moment een bloedvlek kan verschijnen van vergruisde kinderdromen… Vliermaal ROOD. What ’s in a name?
MYKKI
17:23 Gepost door in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |
Facebook |